Motiveren zonder dwang, kan dat?

Beginnend docente Carola schrikt ervan als ze haar klas rondkijkt. Ruim tweederde van de klas zit onderuitgezakt en lijkt er niet bij te zijn met de aandacht. Het is echt belangrijk dat ze deze stof goed opnemen. Het is onderdeel van het eindexamen. Moet ze nu boos worden en de aandacht opeisen? Helpt dat?

Het volgende uur maakt haar ook al niet gerust. Tijdens een huiswerkcontrole blijkt het merendeel de oefeningen thuis niet gemaakt te hebben. Als ze er in de pauze met haar collega’s over spreekt, lachen een aantal hardop: “Welkom in het onderwijs, meid!”

Gelukkig zijn er ook een aantal die haar een hart onder de riem steken: “Het zal altijd wel moeilijk blijven om iedereen te motiveren, maar er zijn wel degelijk manieren om ze in beweging te krijgen!”

Hoe leer je je leerlingen meer verantwoordelijkheid te nemen voor hun gedrag? Wat kun je doen, zonder dat jij heel hard aan het werk bent? En zonder dat je er bovenop hoeft te zitten? Dan zul je eerst iets moeten weten over een belangrijk basisingrediënt van motivatie: autonomie.

Motivatie begint met autonomie. Bij volwassenen, maar zeker ook bij tieners. Dat zou je niet denken als je steeds hetzelfde kapsel voorbij ziet komen in de schoolgang. Toch zou dat kapsel een stuk minder gewild zijn als je het verplicht zou stellen. Autonomie is belangrijk voor ons gevoel van geluk, zo blijkt uit onderzoek. Wie autonomie krijgt, heeft meer plezier in de activiteiten die hij onderneemt en staat er ook veel meer voor open.

Autonomie geeft leerlingen het gevoel dat ze ertoe doen en invloed hebben. Dat vergroot niet alleen de betrokkenheid, maar ook het gevoel van eigenaarschap. De intrinsieke motivatie van leerlingen neemt hiermee toe, zo leert onderzoek onder leerlingen.

Dat betekent niet dat je je leerlingen maar de vrije hand moet geven. Het is belangrijk dat je leerlingen ondersteunt en hen leert hoe ze hiermee om kunnen gaan. Hoe doe je dat? Een paar tips.

 

  1. Bied structuur. Oftewel, bied een kader waarbinnen autonomie mogelijk is. Geef duidelijke instructie, waardoor je leerlingen weten wat er van ze wordt verwacht en hoe ze aan deze verwachting kunnen voldoen.

 

  1. Geef ze inspraak en keuzemogelijkheden. Binnen het heldere kader kun je de leerlingen inspraak en keuzemogelijkheden geven. Vooral in het begin is dit kader belangrijk. Begin met kleine keuzes, bijvoorbeeld tussen het maken van twee oefeningen die over verschillende onderdelen van de lesstof gaan. Zorg wel dat de keuzemogelijkheden betekenisvol zijn in de ogen van je leerlingen.

 

  1. Geef meer coachend les en minder dwingend. Wees meer informatief en help je leerlingen met het formuleren van eigen doelen en acties. Daarbij is het belangrijk dat deze ook echt van de leerlingen zelf zijn. Zie erop toe dat ze ook haalbaar en realistisch zijn.

 

  1. Erken negatieve gevoelens. Soms hebben tieners hele terechte redenen om iets niet leuk te vinden of te willen doen. Door hiernaar te luisteren en de gevoelens te erkennen, geef je tieners een gevoel van respect. Het versterkt de band met je leerlingen en dat komt de motivatie ten goede. Let wel, erkennen staat niet (altijd) gelijk aan acties afblazen.

 

  1. Geloof in elke leerling. Straal uit dat jij er vertrouwen in hebt dat elke leerling de geformuleerde doelen gaat halen, ook de leerlingen die in het verleden blijk hebben gegeven van het tegendeel.

 

  1. Houd de leerling voor groter dan ie zelf denkt te zijn. Wij hebben de neiging om tieners lang klein te houden. Dat zit in onze cultuur. Tieners ‘groeien’ vaak als je ze voor vol aanziet.

 

  1. Draag uit dat je altijd opnieuw kunt beginnen. Zorg voor een veilige leeromgeving waar fouten beschouwd worden als iets waarvan je kunt leren. Accepteer dat eigen verantwoordelijkheid nemen voor de leerlingen soms best eng is en kan mislukken. Blijf geloven in je leerlingen en moedig aan om door te gaan.

 

En als jouw leerlingen dan langzaam wennen aan de ruimte die ze krijgen en zich steeds meer eigenaar voelen van de dingen die ze ondernemen, dan is het als docent belangrijk om scherp te blijven. Het is de kunst om aan te voelen wanneer je nog meer kunt loslaten of wanneer je moet bijsturen. Te weinig sturing geven laat hen zwemmen, maar er teveel bovenop zitten, maakt hen (weer) passief of tegendraads. Belangrijk is dat leerlingen zo veel mogelijk het gevoel hebben dat zij zelf hun keuzes maken.

Help je leerlingen op een positie manier om volwassen te worden en profiteer daarvan tijdens het lesgeven!  

 

Zou jij meer willen weten over hoe je je leerlingen kunt motiveren? Wil je verder groeien?

Kom dan naar onze jaarlijkse masterclass “Motiveren tot leren” op donderdag 16 november a.s.. In iedere leerling schuilt namelijk een gemotiveerde leerling. Als je weet hoe je dit potentieel aanboort, blijkt het onmogelijk toch mogelijk. Je gaat naar huis met diverse direct toepasbare strategieën om ook je ‘lastigste’ leerlingen positief in beweging te krijgen. En je krijgt onze bundel “Motiveren tot leren” cadeau. Nu nog tot 2 november met vroegboekkorting. Kijk voor meer info.

Voor meer informatie, kun je vrijblijvend contact opnemen via info@co-actief.nl of via 06 – 268 14 764.

Kop voor inschrijven

Gratis E-book

Het gratis e-book '24 Anti-stress toppers voor in de klas' ontvangen? Schrijf u in en ontvang het direct in uw mailbox .





Heeft u vragen, wilt u meer informatie of bent u benieuwd wat Co-Actief voor u kan betekenen? Neem contact op!